Esperantopedia

Woordenboek · zelfstandig naamwoord

pastobulo

pastobulo/pas.toˈbu.lo/

Officiële stam bul- (Fundamento, 1905)

pastobulo is een Esperanto-woord (zelfstandig naamwoord) met de betekenis ‘knoedel’.

Betekenis

knoedel

Engelstalig WikiWoordenboek (vertaaltabellen), CC BY-SA 4.0 · en.wiktionary.org

Definitie in het Esperanto

  1. Bulo el pasto ĉu ankoraŭ kruda, ĉu jam preparita por manĝo
    • benjeto estas fritita pastobulo, kiu ion entena
    • vaporumita pastobulo

    zie ook: knedliko

Reta Vortaro (ReVo), GPL 2.0 · reta-vortaro.de

Uitspraak

IPA
/pas.toˈbu.lo/
Lettergrepen
pas·to·BU·lo

Woordopbouw

  1. paststampasto
  2. obindklinker
  3. bulstambulo
  4. ouitgangzelfstandig naamwoord

Vormen

enkelvoudmeervoud
onderwerppastobulopastobuloj
lijdend voorwerp (-n)pastobulonpastobulojn

Voorbeeldzinnen

  • En la lasta tago de la jaro oni manĝas frititajn pastobulojn en Nederlando.Op oudejaarsavond eet men oliebollen in Nederland. #10689397pastobulojn → pastobulo: knoedel

Tatoeba, CC BY 2.0 FR

Verwante woorden

bul-

In andere talen

Englishdumpling
Françaisboulette
DeutschTeigklumpen, Kloß, Knödel

Reta Vortaro (ReVo), GPL 2.0

Uitspraak, woordopbouw en vormen: Esperantopedia, CC BY-SA 4.0

Als Esperantopedia je heeft geholpen, kun je het steunen.