Esperantopedia

La internacia lingvo · sinds 1887

Esperanto
is van iedereen

Esperanto is de meest gesproken internationale kunsttaal. Ludwik Zamenhof publiceerde het in 1887 in Warschau, zodat mensen van alle volken als gelijken met elkaar kunnen praten. Het heeft 16 basisregels, geen onregelmatige werkwoorden en woorden die je uit bouwstenen opbouwt.

Zo werkt Esperanto

Elk woord laat met zijn uitgang zien welke taak het heeft. Leer deze paar uitgangen en je ziet hoe elke zin in elkaar zit.

-o

zelfstandig naamwoord · hundo – ‘hond’

-a

bijvoeglijk naamwoord · granda – ‘groot’

-e

bijwoord · rapide – ‘snel’

-i

werkwoord · kuri – ‘rennen’

-as -is -os

tegenwoordige, verleden en toekomende tijd · kuras, kuris, kuros – ‘rent, rende, zal rennen’

-j -n

meervoud en lijdend voorwerp · Mi vidas grandajn hundojn. – ‘Ik zie grote honden.’

Esperanto in cijfers

Interactieve grafieken uit onze eigen gegevens, met bronnen: hoeveel woorden je nodig hebt, hoe uit één stam een woordfamilie groeit en hoe de officiële woordenschat groeide.

Zes bijzondere letters

Esperanto wordt geschreven met het Latijnse alfabet, aangevuld met zes letters met een accent. Elke letter staat voor één vaste klank – en alle zes ken je al uit Nederlandse woorden en leenwoorden.

  • ĉ[tʃ]als tsj in ‘tsjilpen’
  • ĝ[dʒ]als dzj in ‘jeans’
  • ĥ[x]als ch in ‘lachen’
  • ĵ[ʒ]als zj in ‘journaal’
  • ŝ[ʃ]als sj in ‘sjaal’
  • ŭ[w]korte u-klank, zoals in ‘blauw’ (au)

Esperanto ontdekken

Wat is Esperanto?

Esperanto is een kunsttaal, ontworpen voor internationale communicatie. De woordenschat komt vooral uit Romaanse, Germaanse en Slavische talen, en de grammatica is regelmatig: zelfstandige naamwoorden eindigen op -o, bijvoeglijke naamwoorden op -a, en werkwoorden veranderen met de tijd en de wijs, nooit met persoon of getal. Lees de volledige introductie of begin met het alfabet.

Wie heeft Esperanto bedacht?

Ludwik Lejzer Zamenhof, een oogarts uit Białystok, publiceerde de taal op 26 juli 1887 in Warschau onder het pseudoniem Doktoro Esperanto – ‘dokter Hoopvol’. Dat pseudoniem werd de naam van de taal. Lees zijn levensverhaal en de geschiedenis van het Esperanto.

Hoeveel mensen spreken Esperanto?

Niemand weet het precies, want slechts enkele nationale volkstellingen vragen naar Esperanto. Serieuze schattingen lopen uiteen van ongeveer 60.000 (Nielsen, 2017) tot ongeveer 2 miljoen (Culbert), en 1.000–2.000 mensen hebben Esperanto als moedertaal. In maart 2020 waren 2,8 miljoen mensen aan de Esperantocursussen van Duolingo begonnen – cursisten, geen sprekers. Bekijk alle schattingen en hun bronnen.

Is Esperanto makkelijk te leren?

Esperanto is ontworpen om snel te leren: de spelling is fonetisch, de klemtoon valt altijd op de voorlaatste lettergreep en uit één stam ontstaat een hele woordfamilie. Korte cursussen behandelen de basisgrammatica in een tiental lessen. Voor Nederlandstaligen komt daar nog bij dat er maar één bepaald lidwoord is (la) in plaats van ‘de’ en ‘het’, en geen grammaticaal geslacht. Ontdek hoe lang het leren duurt en volg ons stappenplan.

Hoe verschilt de uitspraak van het Nederlands?

De meeste letters klinken zoals in het Nederlands. Let op vier punten. Esperanto-c is [ts], zoals in ‘tsaar’, en nooit een k of s. De klinkers zijn kort en zuiver: in veel Nederlandse accenten glijden ee en oo een beetje naar ‘ei’ en ‘ou’, in het Esperanto niet. Veel Nederlanders maken v en z stemlozer, richting f en s; in het Esperanto zijn het stemhebbende klanken, zoals in het Engelse ‘very’ en ‘zoo’. En de klemtoon valt altijd op de voorlaatste lettergreep: te-le-FO-no, terwijl het Nederlandse ‘telefoon’ de klemtoon achteraan heeft. Alle klanken met voorbeelden: alfabet en uitspraak.

Is er Esperanto in Nederland en Vlaanderen?

Ja. In Nederland brengt de vereniging Esperanto Nederland sprekers en cursisten samen; ze geeft het tijdschrift Fenikso uit. In Vlaanderen doet dat de Vlaamse Esperantobond. De wereldvereniging UEA zetelt sinds 1955 in Rotterdam, en het Wereldcongres van Esperanto werd onder meer gehouden in Den Haag (1920 en 1964), Haarlem (1954) en Rotterdam (1967, 1988 en 2008). Meer daarover: organisaties en waar Esperanto wordt gesproken.

Waar begin ik?

Begin met de nuttigste zinnen, leer de grammatica op één pagina en zoek woorden op in het woordenboek. Hoe je de bijzondere letters typt, staat op de alfabetpagina.