Esperanto
Esperanto zinnen en uitdrukkingen: de 20 belangrijkste
Twintig zinnen volstaan voor je eerste gesprek; de onderwerppagina’s hieronder behandelen groeten, reizen, data, kleuren en liefde.
Basiszinnen
79 alledaagse Esperanto-zinnen met uitspraak: beleefdheid, jezelf voorstellen, vragen, iets niet begrijpen en om hulp vragen.
Beleefdheidszinnen
Bedankt is Dankon!, alsjeblieft is Bonvolu of mi petas, sorry is Pardonu! Uitspraak, antwoorden en gebruik; het Esperanto kent geen „je” en „u”.
Begroetingen
Hallo is in het Esperanto Saluton!, tot ziens Ĝis revido! of kortweg Ĝis! Alle groeten per moment van de dag, antwoorden op „hoe gaat het?” en gebruiken.
Wensen
Fijne verjaardag is Feliĉan naskiĝtagon!, prettige kerst Feliĉan Kristnaskon!, proost Sanon! Uitspraak, de -n-regel en een voorbeeld voor een kaart.
Ik hou van je
Mi amas vin betekent „ik hou van je” in het Esperanto. Varianten, koosnamen als karulo, complimenten, een huwelijksaanzoek en de grap Edzperanto.
Gevoelens
Blij is ĝoja, gelukkig feliĉa, verdrietig malĝoja, moe laca. Zeg Mi estas laca, Mi timas en Mi ĝojas, plus mal-, -iĝ-, -ig- en -em- voor meer gevoelens.
Reizen
Esperanto-reiszinnen met uitspraak voor hotel, restaurant, kaartjes, de weg vragen, winkelen, getallen en prijzen, en noodgevallen.
Stad en vervoer
Stad is urbo, links maldekstre, rechts dekstre: Esperantowoorden voor plaatsen, voertuigen en richtingen, de weg vragen en wanneer -n beweging aangeeft.
Dagen en maanden
Esperanto-dagen (lundo, mardo…), maanden (Januaro…Decembro) en seizoenen met uitspraak, plus de datum zeggen en de klok lezen, ook „half vier”.
Tijd en datum
Vraag Kioma horo estas? en antwoord Estas la tria. Minuten met kaj, post en antaŭ, 24-uursklok, dagdelen, datums, leeftijd en hoe vaak.
Kleuren
Rood is ruĝa, blauw blua, groen verda: alle kleuren in het Esperanto met uitspraak, plus hoe hel-, malhel-, -et- en -kolora elke tint maken.
Familie
Moeder is patrino, vader patro, ouders gepatroj: alle Esperanto-familiewoorden van grootouders tot schoonfamilie, met uitspraak en vragen om te stellen.
Eten en drinken
Esperanto-eetwoorden met uitspraak: matenmanĝo, fruit, groenten, vlees, dranken en smaken, plus Bonan apetiton!, Mi estas sata en het gebruik van da.
Dieren
Kat is kato, hond hundo, paard ĉevalo. Dierennamen in het Esperanto met uitspraak, plus -id- voor jongen, -in- voor vrouwtjes en dierengeluiden.
Lichaam en gezondheid
Esperanto-lichaamsdelen (kapo, mano, koro), gezondheidswoorden en zinnen bij de dokter met uitspraak, van Mi havas kapdoloron tot Doloras al mi la dorso.
Weer
Weerwerkwoorden hebben in het Esperanto geen onderwerp: Pluvas is „het regent”, Neĝas „het sneeuwt”. Seizoenen, Estas varme, temperatuur en zinnen.
Natuur
Een boom is arbo, een rivier rivero, een berg monto: Esperantowoorden voor de natuur met uitspraak, plus hoe -ar-, -et- en -ej- bos, beek en weide vormen.
Landen en talen
Frankrijk is Francujo of Francio, Polen Pollando, Canada Kanado. Landnamen, nationaliteiten en talen in het Esperanto, met -ujo, -io en -lando.
Tegenstellingen
Zet mal- voor een woord en je krijgt het exacte tegendeel: bona wordt malbona. 74 paren met uitspraak, plus tegenstellingen die geen mal- nodig hebben.
Beroepen en werk
Leraar is instruisto, arts kuracisto, ingenieur inĝeniero: 43 Esperanto-beroepen met uitspraak, het achtervoegsel -ist-, vrouwelijke vormen en werkzinnen.
Huis en thuis
Een huis is domo, thuis hejmo, een kamer ĉambro: Esperantowoorden voor kamers, meubels en delen van het huis, met uitspraak en alledaagse zinnen.
Kleding
Overhemd is ĉemizo, broek pantalono, schoen ŝuo: Esperanto-kledingwoorden met uitspraak, porti en surmeti, valse vrienden en zinnen voor het winkelen.
Hobby’s en sport
Voetbal is futbalo of piedpilkado, een hobby is ŝatokupo. Leer sport- en hobbywoorden, ludi bij spellen en instrumenten, en zinnen over je vrije tijd.
School
School is lernejo, leerling lernanto, leraar instruisto: 60 Esperantowoorden voor school met uitspraak, plus wanneer je lerni, studi en instrui gebruikt.
Technologie
Een computer is komputilo, het internet interreto, e-mail retpoŝto: Esperanto-woorden voor apparaten, web en apps, en hoe ret-, -il-, el-, al- ze vormen.
Spreekwoorden
Zamenhofs Proverbaro Esperanta (1910) telt zo’n 2630 gezegden. Lees er 32 per thema, met de letterlijke betekenis en Nederlandse equivalenten.
Valse vrienden
Mondo is „wereld”, niet „mond”; sorto is „lot”, niet „soort”. 37 Esperanto-woorden die op Nederlandse lijken, wat ze echt betekenen en wat je zegt.
Brieven en e-mail
Dateer een brief ĵaŭdon la 8-an de Oktobro 2026, begin met Kara of Estimata en sluit af met Amike. Vaste zinnen, e-mailwoorden en drie voorbeeldbrieven.
Winkelen en geld
Esperanto-woorden voor winkelen: aĉeti, vendi, pagi, kosti. Een prijs krijgt -n (kostas dek eŭrojn). Plus bank, valuta (eŭro, eno) en een marktgesprek.
Mensen beschrijven
Beschrijf mensen in het Esperanto: alta, juna, blonda, afabla, timema. Uiterlijk, leeftijd, lengte en karakter met uitspraak, plus -em-, -ul- en mal-.
Muziek en kunst
Muziek is muziko, een schilderij pentraĵo, een film filmo. Instrumenten, kunst, theater, bioscoop en boeken in het Esperanto, met uitspraak en zinnen.
Keuken en koken
De keuken is kuirejo, koken is kuiri en „koken” van water is boli: woorden voor pannen, gereedschap en kookwerkwoorden, plus een pannenkoekenrecept.
Slang
Esperanto-slang uitgelegd: krokodili (een andere taal spreken), kabei (stoppen, naar Kabe, 1911), mojosa (cool, bedacht in 2003), gufujo en meer.
Politiek en maatschappij
Regering is registaro, stemmen is voĉdoni, wet is leĝo: 80 Esperantowoorden voor nieuws, verkiezingen en debat, met uitspraak en zinnen.
Wereldgeografie
Europa is Eŭropo, Azië Azio, Afrika Afriko. Werelddelen, oceanen, zeeën, rivieren, bergen en windstreken in het Esperanto, met uitspraak.
Milieu
Het milieu is medio, het klimaat klimato, recyclen recikligi. Esperanto-woorden voor vervuiling, energie en opwarming van de aarde, met uitspraak.
Auto en rijden
Auto is aŭto, besturen stiri, rem bremso: Esperantowoorden voor auto-onderdelen, rijwerkwoorden, wegen, verkeer, rijbewijs en pech onderweg.
Religie en geloof
Religie is religio, bidden preĝi, een kerk preĝejo: zo’n 100 Esperantowoorden voor godsdiensten, gebedshuizen, feesten en geestelijken, met uitspraak.
Recht en misdaad
Wet is leĝo, politie polico, een dief ŝtelisto: zo’n 80 woorden over rechtbank, misdaad en nieuws, met uitspraak en zinnen om diefstal aan te geven.
Ruimte en wetenschap
De zon is suno, een planeet planedo, een ster stelo: planeten, ruimtevaart, schoolvakken en laboratoriumwoorden in het Esperanto, met uitspraak.
Wiskunde en vormen
Zeg 2 + 3 = 5 als du plus tri estas kvin, plus Esperantowoorden voor breuken, procenten, decimalen, vormen en wiskunde, met uitspraak.
Media en nieuws
Een krant is gazeto, nieuws novaĵoj, televisie televido: zo’n 90 Esperantowoorden voor pers, tv, radio en online nieuws, met uitspraak en tips.
Oorlog en vrede
Oorlog is milito, vrede is paco, een soldaat is soldato: zo’n 80 neutrale Esperanto-woorden voor nieuws en geschiedenis, met uitspraak en woordvorming.
Gesprek
Zeg Laŭ mi, Mi konsentas en Vi pravas in het Esperanto, plus nu, do en ja, telefoonzinnen en beleefd onderbreken, met uitspraak.
Dagelijkse routine
Esperanto-werkwoorden voor een dag, van vekiĝi tot enlitiĝi: wassen, aankleden, eten, werk en slaap, met uitspraak, sin versus -iĝ- en een voorbeelddag.
Met deze 20 zinnen kom je door een eerste ontmoeting met een Esperantospreker: groeten, bedanken, vragen en afscheid nemen. Meer vind je op de onderwerppagina’s: basiszinnen, groeten, reizen en meer. Esperanto lees je precies zoals het geschreven staat, dus de kolom met de uitspraak verdeelt de woorden alleen in lettergrepen en zet de beklemtoonde lettergreep in hoofdletters – altijd de voorlaatste.
De 20 belangrijkste zinnen
| Esperanto | Uitspraak | Nederlands |
|---|---|---|
| Saluton! | sa-LU-ton | Hallo! |
| Bonan tagon! | BO-nan TA-gon | Goedendag! / Hallo! |
| Ĝis revido! | ĝis re-VI-do | Tot ziens! |
| Ĝis! | ĝis | Doei! |
| Dankon! | DAN-kon | Dank je! |
| Ne dankinde. | ne dan-KIN-de | Graag gedaan. |
| Mi petas. | mi PE-tas | Alsjeblieft. (als je om iets vraagt) |
| Bonvolu… | bon-VO-lu | Alsjeblieft… (met een werkwoord: Bonvolu sidiĝi – ‘Ga zitten, alsjeblieft’) |
| Jes. / Ne. | jes / ne | Ja. / Nee. |
| Pardonu! | par-DO-nu | Pardon! / Sorry! |
| Kiel vi fartas? | KI-el vi FAR-tas | Hoe gaat het met je? |
| Bone, dankon. Kaj vi? | BO-ne, DAN-kon. kaj vi | Goed, dank je. En met jou? |
| Kiel vi nomiĝas? | KI-el vi no-MI-ĝas | Hoe heet je? |
| Mi nomiĝas… | mi no-MI-ĝas | Ik heet… |
| Ĉu vi parolas Esperanton? | ĉu vi pa-RO-las es-pe-RAN-ton | Spreek je Esperanto? |
| Mi lernas Esperanton. | mi LER-nas es-pe-RAN-ton | Ik leer Esperanto. |
| Mi ne komprenas. | mi ne kom-PRE-nas | Ik begrijp het niet. |
| Bonvolu paroli malrapide. | bon-VO-lu pa-RO-li mal-ra-PI-de | Spreek langzaam, alsjeblieft. |
| Kie estas…? | KI-e ES-tas | Waar is…? |
| Kiom kostas? | KI-om KOS-tas | Hoeveel kost het? |
Lees de letters zoals op de alfabetpagina: c = ‘ts’ (als in ‘tsaar’), ĉ = ‘tsj’, ĝ = ‘dzj’ (als in ‘jeans’), j = ‘j’ (als in ‘ja’), ŝ = ‘sj’, ŭ = de korte u-klank van ‘au’. De klinkers zijn zuiver, zonder tweeklank, en of ze lang of kort zijn, maakt niet uit: a als in ‘naam’, e als in ‘bed’, i als in ‘zien’, o als in ‘boot’ en u als in ‘boek’.
Waarom eindigen groeten op -n?
Saluton, Dankon en Bonan tagon eindigen op de accusatief -n omdat ze verkorte vormen van volledige zinnen zijn: (Mi deziras al vi) bonan tagon – ‘(Ik wens je) een goede dag’. De referentiegrammatica PMEG rekent ze tot de traditionele uitdrukkingen waarin de -n de gebruikelijke vorm is geworden. Je hoeft ze niet te ontleden – leer ze gewoon als vaste uitdrukkingen. Meer over de uitgang staat bij de accusatief.
Veelgestelde vragen
Wat is de meest gebruikte groet in het Esperanto?
Saluton! – ‘Hallo!’. Het past op elk moment van de dag en bij iedereen. Om afscheid te nemen zeg je Ĝis! of Ĝis revido!
Hoe zeg je ‘alsjeblieft’ in het Esperanto?
Gebruik mi petas als je om iets vraagt (Akvon, mi petas – ‘Water, alsjeblieft’) en bonvolu plus een werkwoord voor een beleefd verzoek (Bonvolu atendi – ‘Wacht even, alsjeblieft’).
Is er een beleefde vorm van ‘u’ in het Esperanto?
Nee. Vi gebruik je voor iedereen, voor één persoon of meer, voor vrienden en onbekenden. Waar je in het Nederlands moet kiezen tussen je en u, zeg je in het Esperanto dus altijd vi. Beleefdheid komt van woorden als bonvolu, sinjoro ‘mijnheer’ en sinjorino ‘mevrouw’.
Bronnen
Als Esperantopedia je heeft geholpen, kun je het steunen.