Esperantopedia

Grammatica

Esperanto voorvoegsels: alle 10 officiële met voorbeelden

Tien officiële voorvoegsels met elk één vaste betekenis – en mal- maakt van een woord het exacte tegendeel.

Bijgewerkt: 7 min. leestijd

Het Esperanto heeft 10 officiële voorvoegsels: bo-, ĉef-, dis-, ek-, eks-, ge-, mal-, mis-, pra- en re-. Negen komen uit het Fundamento de Esperanto (1905); mis- werd in 1929 officieel. Een voorvoegsel voegt een vaste betekenis toe en verandert nooit de woordsoort: fermi „sluiten” → malfermi „openen”.

Voorvoegsels zijn een deel van de woordvorming in het Esperanto. Het andere deel, de 31 achtervoegsels, komt na de stam.

De 10 officiële voorvoegsels

VoorvoegselBetekenisVoorbeeldenVertaling
bo-aangetrouwdbopatro, bofrato, bofilino„schoonvader, zwager, schoondochter”
ĉef-hoofd-, voornaamsteĉefurbo, ĉefministro„hoofdstad, minister-president”
dis-uiteen, in alle richtingendisĵeti, disdoni„uiteengooien, uitdelen”
ek-plotselinge of beginnende handelingekdormi, ekridi, ekvidi„inslapen, in lachen uitbarsten, in het oog krijgen”
eks-voormalig, ex-eksedzo, eksreĝo„ex-man, voormalig koning”
ge-beide geslachten samengepatroj, gefratoj, geedzoj„ouders, broers en zussen, echtpaar”
mal-exact tegendeelmalbona, malgranda, malfermi„slecht, klein, openen”
mis-verkeerd, mis-miskompreni, misuzi, miskalkuli„misverstaan, misbruiken, zich verrekenen”
pra-oer-; een generatie verder terugpraavo, praarbaro„overgrootvader, oerbos”
re-opnieuw; terugrelegi, reveni, redoni„herlezen, terugkomen, teruggeven”

De bronnen tellen iets verschillend. Het PMEG en lernu noemen de tien hierboven. De Engelse Wikipedia noemt fi- in plaats van ĉef-, en het affixenoverzicht van de ReVo-redactie komt op 12 door zowel fi- als het voorzetsel trans- mee te tellen. Het PMEG ziet fi als een officieel tussenwerpsel dat ook als voorvoegsel wordt gebruikt (fihomo „een verachtelijk mens”) en trans- als voorzetsel. Deze pagina volgt het PMEG: tien.

Woordbouwer
malvoorvoegseltegenovergestelde
bonstamgoed
auitgangbijvoeglijk naamwoord

malbonaslecht

ekvoorvoegselbegin, plotselinge handeling
dormstamslapen
iuitganginfinitief

ekdormiinslapen

bovoorvoegselaangetrouwd (familie)
patrstamvader
inachtervoegselvrouwelijk
ouitgangzelfstandig naamwoord

bopatrinoschoonmoeder

Kies een stam en voeg een voorvoegsel, achtervoegsels en een uitgang toe: het woord en de betekenis veranderen meteen.

maltegenovergesteldebongoedabijvoeglijk naamwoord

= malbonaslecht

Voorbeelden

voorvoegsel
stam
achtervoegsels (max. 2)
uitgang

Mal-: het tegendeel

Mal- geeft het exacte tegendeel van een woord (PMEG). Eén stam plus mal- dekt beide uiteinden van een schaal, zodat je één stam leert in plaats van twee. Het werkt bij elke soort woord:

WoordsoortGrondwoordMet mal-
Bijvoeglijk naamwoordbona „goed”, granda „groot”, varma „warm”malbona „slecht”, malgranda „klein”, malvarma „koud”
Werkwoordfermi „sluiten”, helpi „helpen”, ami „houden van”malfermi „openen”, malhelpi „hinderen”, malami „haten”
Zelfstandig naamwoordamiko „vriend”, lumo „licht”, ordo „orde”malamiko „vijand”, mallumo „duisternis”, malordo „wanorde”
Bijwoord, deeltjepli „meer”, plej „meest”, supre „boven”malpli „minder”, malplej „minst”, malsupre „beneden”
Voorzetselantaŭ „voor”malantaŭ „achter”

Op zichzelf is mal- ook een stam: malo „het tegendeel”, male „integendeel”.

Mal- of ne-?

Ne betekent gewoon „niet”; mal- betekent het tegendeel. Malagrabla is „onaangenaam”, terwijl neagrabla „niet aangenaam” is – niet leuk en niet vervelend. Het PMEG zet mallaŭdi „bekritiseren” tegenover ne laŭdi „niet prijzen”.

Het Nederlandse voorvoegsel on- kan beide kanten op. „Onaangenaam” is malagrabla (echt het tegendeel), maar „onbekend” is nekonata (gewoon „niet bekend”). Kijk dus telkens of je een tegendeel of een loutere ontkenning bedoelt.

Waar mal- niet werkt

Mal- gebruik je alleen waar een echt tegendeel bestaat. Veel paren hebben twee aparte stammen: tago – nokto „dag – nacht”, komenci – fini „beginnen – eindigen”, nigra – blanka „zwart – wit” (PMEG). Sommige sprekers gebruiken aparte stammen als kurta voor mallonga „kort”, maar die blijven veel minder gebruikelijk dan de mal--vormen. In een goed woordenboek zie je welke paren bestaan.

Aantekeningen bij de andere voorvoegsels

  • ek- staat voor werkwoorden en heeft twee betekenissen: het begin van een handeling (ekdormi „inslapen”) en een plotselinge, korte handeling (ekkrii „een kreet slaken”). Op zichzelf: eki „beginnen”.
  • re- betekent „opnieuw” (relegi „herlezen”) of „terug” (reveni „terugkomen”); het is verwant aan het Nederlandse her- (herlezen). Op zichzelf: ree „opnieuw”.
  • ge- is normaal meervoud: gepatroj „ouders”, geedzoj „man en vrouw”. Het enkelvoud gepatro „ouder” is een nieuwer, experimenteel gebruik (PMEG). Verwar het niet met het Nederlandse ge- van het voltooid deelwoord (gelezen).
  • bo- staat nooit alleen: bopatrino „schoonmoeder”, bofilo „schoonzoon”.
  • pra- gaat terug in de tijd: praavo „overgrootvader”, prapraavo „betovergrootvader”, praulo „voorvader”. Het Nederlandse oer- (oerwoud, oeroud) komt er dicht bij.
  • eks- wijst op een voormalige rol: eksedzino „ex-vrouw”. Op zichzelf: eksa „voormalig”, eksiĝi „aftreden”.
  • mis- voegt het idee van een fout toe zonder de betekenis om te keren: misdirekti „verkeerd richten”. Vergelijk mal-, dat de betekenis omdraait. Het lijkt op het Nederlandse mis- (misverstaan).
  • ĉef- is ook een gewone stam: ĉefo „baas”, ĉefa „hoofd-, voornaamste”.
  • dis- spreidt dingen uiteen: disiĝi „uiteengaan, zich verspreiden”.

Voorzetsels en andere woorden als voorvoegsel

Veel officiële woorden werken als voorvoegsel zonder zo geteld te worden. Voorzetsels vormen de grootste groep: alveni „aankomen”, eliri „naar buiten gaan”, kunlabori „samenwerken”, senhejma „thuisloos”. Andere zijn ne- (nekredebla „ongelooflijk”), for- (foriri „weggaan”), mem- (memstara „onafhankelijk”) en de stam vic- (vicprezidanto „vicepresident”).

Niet-officiële voorvoegsels

Deze voorvoegsels zijn geen officiële affixen. Ze komen niet uit het Fundamento en niet uit een besluit van de Academie, dus je kunt de taal goed spreken zonder. Woorden die ermee gemaakt zijn, komen toch veel voor in wetenschap, techniek en de alledaagse omgangstaal, en veel ervan staan in woordenboeken als de ReVo en de PIV. Het PMEG beschrijft er 29 en behandelt de 24 SI-voorvoegsels apart.

De meeste zijn internationale voorvoegsels. Ze passen goed in woorden die al in andere talen bestaan, zoals ultrasono „ultrageluid”. Het PMEG raadt af om er nieuwe woorden mee te maken als een Esperanto-element hetzelfde doet: kontraŭ-, super-, sub-, antaŭ- of ĉef-. Het merkt ook op dat zes ervan in het woordenboek PIV ontbreken: afro-, aŭdio-, aŭto-, eŭro-, stif-, video-.

VoorvoegselBetekenisVoorbeeldOpmerking
afro-Afrikaansafroamerikano „Afro-Amerikaan”Nauwelijks gebruikt.
anti-tegen, vijandig aanantifaŝisto „antifascist”, antimaterio „antimaterie”Kontraŭ- is meestal beter, maar vaktermen als antimaterio zijn aanvaard.
arĥi-, arki-opper-, hoogstearĥiduko „aartshertog”Gebruik het alleen als er een internationaal woord met arĥi- bestaat. Anders ĉef-. „Aartsbisschop” is ĉefepiskopo: de ReVo markeert arĥiepiskopo als beter te vermijden.
aŭdio-geluidstechniekaŭdiodisko „audioschijf”Het PMEG geeft de voorkeur aan de stam aŭdi-.
aŭto-zelf, eigenaŭtodidakto „autodidact”Vermijd het voor „automatisch”: het botst met aŭto „auto”. Zeg aŭtomata.
bio-leven, levend wezenbiografio „biografie”, biodiverseco „biodiversiteit”Wordt steeds meer als echt voorvoegsel gevoeld. Veel bio--woorden zijn ook enkele stammen.
des-ongedaan maken, verwijderendesinfekti „ontsmetten”, desherbi „wieden”Voorgesteld maar weinig gebruikt. Het PMEG geeft de voorkeur aan mal- of sen-…-ig-. Niet het deeltje des in ju pli … des pli … „hoe meer … hoe meer …”.
eko-ecologischekosistemo „ecosysteem”, ekoturismo „ecotoerisme”In gebruik. Het is een verkorting van ekologia.
eŭro-EuropeesEŭrovizio „Eurovisie”Afgeraden: het botst met eŭro „euro”. Gebruik Eŭrop-.
hiper-overmatig, over-hiperacideco „hyperaciditeit”Wetenschap. Super- of tro is meestal duidelijker.
infra-onderinfrasono „infrageluid”Normaal sub-. Zeg transruĝa, niet infraruĝa, voor „infrarood”.
ko-complement (wiskunde)kosinuso „cosinus”Alleen in de wiskunde een echt voorvoegsel. Kooperativo „coöperatie” en dergelijke zijn enkele stammen.
kver-dwarskversekco „dwarsdoorsnede”Technisch. Het gewone woord is transversa.
makro-grootschalig, enormmakromolekulo „macromolecuul”Wetenschap. Vergelijk mikro-.
meta-over zichzelf, een niveau hogermetalingvo „metataal”, metapoezio „poëzie over poëzie”Wetenschap en kunst. Metafiziko „metafysica” is een apart woord, niet „natuurkunde over natuurkunde”.
mikro-zeer kleinmikrofilmo „microfilm”, mikroorganismo „micro-organisme”Ook een SI-voorvoegsel (zie de tabel hieronder).
mini-zeer klein, zeer kortminijupo „minirok”, minigolfo „minigolf”Gebruikt als er een internationaal woord bestaat. De Esperanto-manier is -et-.
mono-een, enkelmonorelo „monorail”Botst met mono „geld”. Het PMEG geeft de voorkeur aan unu-: unurelo.
pre-voorprefaco „voorwoord”, prelego „lezing”Dat zijn vaste enkele stammen. Voor nieuwe woorden antaŭ-.
proto-eerste, oorspronkelijkprototipo „prototype”Wetenschap en techniek.
pseŭdo-vals, neppseŭdonimo „pseudoniem”Zamenhof gebruikte het vaak als echt voorvoegsel. Het PMEG geeft de voorkeur aan ŝajn-, kvazaŭ- of kaŝ-.
retro-achterwaartsretroiri „teruggaan”, retroaktiva „terugwerkend”Tamelijk gewoon. Het is duidelijker dan re-, dat twee betekenissen heeft.
san-sintSanfrancisko „San Francisco”Alleen plaatsnamen. Het PMEG raadt Sankta of de oorspronkelijke vorm aan, geen mengvormen als Sandomingo.
semi-, hemi-halfsemicirklo „halve cirkel”, hemisfero „halfrond”Tamelijk gewoon als er een internationaal woord bestaat. Het PMEG geeft de voorkeur aan duon-.
stif-stief- (verwantschap)–Voorgesteld in plaats van duon- of vic- in sommige verwantschapswoorden. Nauwelijks gebruikt.
tele-ver, op afstandtelevidi „televisie kijken”, telekomuniki „op afstand communiceren”PMEG: in de moderne wereld erg nodig, dus gebruik het gerust.
termo-warmtetermometro „thermometer”, termostato „thermostaat”Voor nieuwe woorden raadt het PMEG varm- aan, om een botsing met termo „term” te vermijden.
ultra-uiterst, voorbijultrasono „ultrageluid”, ultraviola „ultraviolet”Technisch. Voor nieuwe woorden raadt het PMEG trans- of ekstrem- aan.
video-videotechniekvideofilmo „videofilm”Het PMEG geeft de voorkeur aan de stam vide-.

SI-voorvoegsels

Het PMEG noemt 24 voorvoegsels voor maateenheden. Ze volgen het internationale SI-stelsel en staan alleen voor namen van eenheden: kilo- + metro → kilometro „kilometer”. Verscheidene van de resulterende woorden zijn al officiële stammen, en het PMEG raadt af om met deze voorvoegsels woorden te maken die alleen in het Esperanto bestaan.

VoorvoegselFactorNederlandse naamVoorbeeld
kveta-10³⁰quetta-kvetagramo „quettagram”
rona-10²⁷ronna-ronagramo „ronnagram”
jota-10²⁴yotta-jotagramo „yottagram”
zeta-10²¹zetta-zetagramo „zettagram”
eksa-10¹⁸exa-eksagramo „exagram”
peta-10¹⁵peta-petagramo „petagram”
tera-10¹²tera-teragramo „teragram”
giga-10⁹giga-gigaherco „gigahertz”
mega-10⁶mega-megavato „megawatt”
kilo-10³kilo-kilogramo „kilogram”
hekto-10²hecto-hektolitro „hectoliter”
deka-10¹deca-dekametro „decameter”
deci-10⁻¹deci-decilitro „deciliter”
centi-10⁻²centi-centimetro „centimeter”
mili-10⁻³milli-milimetro „millimeter”
mikro-10⁻⁶micro-mikrometro „micrometer”
nano-10⁻⁹nano-nanosekundo „nanoseconde”
piko-10⁻¹²pico-pikosekundo „picoseconde”
femto-10⁻¹⁵femto-femtosekundo „femtoseconde”
ato-10⁻¹⁸atto-atosekundo „attoseconde”
zepto-10⁻²¹zepto-zeptosekundo „zeptoseconde”
jokto-10⁻²⁴yocto-joktosekundo „yoctoseconde”
ronto-10⁻²⁷ronto-rontosekundo „rontoseconde”
kvekto-10⁻³⁰quecto-kvektosekundo „quectoseconde”

De voorbeelden zijn regelmatige combinaties van een voorvoegsel en een eenheidsnaam. Het PMEG noemt kilo-, hekto-, deci-, centi- en mili- als de meest voorkomende. De vier nieuwste voorvoegsels (kveta-, rona-, ronto-, kvekto-, in 2022 aan het SI toegevoegd) worden nog nauwelijks gebruikt.

Twee gelijkende voorvoegsels vragen aandacht. Eksa- (10¹⁸) is niet eks- „voormalig”, en mikro- is ook het algemene voorvoegsel voor „zeer klein” uit de lijst hierboven.

Voorbeelden in zinnen

  • La butiko malfermiĝas je la naŭa. – „De winkel gaat om negen uur open.”
  • Bonvolu ne miskompreni min. – „Begrijp me alsjeblieft niet verkeerd.”
  • Miaj gepatroj loĝas en Varsovio. – „Mijn ouders wonen in Warschau.”
  • Post la koncerto la homoj disiris. – „Na het concert gingen de mensen uiteen.”
  • Subite la bebo ekploris. – „Plotseling begon de baby te huilen.”
  • Mi relegis la leteron antaŭ ol respondi. – „Ik herlas de brief voordat ik antwoordde.”
  • Mia bopatrino kuiras tre bone. – „Mijn schoonmoeder kookt heel goed.”
  • Ŝi estas la ĉefkuiristo de la restoracio. – „Ze is de hoofdkok van het restaurant.”
  • Niaj prapatroj vivis tute alie. – „Onze voorouders leefden heel anders.”

Veelgestelde vragen

Hoeveel voorvoegsels heeft het Esperanto?

Tien officiële: bo-, ĉef-, dis-, ek-, eks-, ge-, mal-, mis-, pra-, re-. Sommige bronnen noemen fi- in plaats van ĉef-, en veel voorzetsels werken ook als voorvoegsel. Het PMEG beschrijft daarnaast 29 niet-officiële voorvoegsels en 24 SI-voorvoegsels.

Wat betekent mal- in het Esperanto?

Mal- maakt van een woord het exacte tegendeel: bona „goed” → malbona „slecht”, fermi „sluiten” → malfermi „openen”.

Wat is het verschil tussen mal- en ne-?

Ne ontkent alleen: neagrabla is „niet aangenaam”. Mal- geeft het tegendeel: malagrabla is „onaangenaam”.

Kan een voorvoegsel ook als los woord worden gebruikt?

Ja. De meeste voorvoegsels krijgen uitgangen zoals elke stam: eksa „voormalig”, ree „opnieuw”, malo „het tegendeel”, eki „beginnen”.

Welk voorvoegsel is na 1905 toegevoegd?

Alleen mis-, dat in 1929 officieel werd. Alle andere komen uit het Fundamento.

Zijn kilo-, mega- en mili- officiële Esperanto-voorvoegsels?

Nee, maar ze zijn de aanvaarde manier om veelvouden van eenheden te noemen. Ze staan alleen voor eenheidsnamen (kilometro „kilometer”, megavato „megawatt”, milimetro „millimeter”), naar het internationale SI-stelsel.

Welke niet-officiële voorvoegsels worden het meest gebruikt?

Van de algemene noemt het PMEG tele- (televidi „televisie kijken”) erg nodig. Ook eko-, bio-, retro- en mini- komen veel voor. Bij metingen zijn kilo-, hekto-, deci-, centi- en mili- het frequentst.

Bronnen

Als Esperantopedia je heeft geholpen, kun je het steunen.