Esperantopedia

Woordenboek · zelfstandig naamwoord

ruĝo

ruĝo/ˈru.dʒo/

Officiële stam ruĝ- (Fundamento, 1905)

ruĝo is een Esperanto-woord (zelfstandig naamwoord) met de betekenis ‘rood’.

Betekenis

rood

Reta Vortaro (ReVo), GPL 2.0

Definitie in het Esperanto

  1. Ruĝa koloro
    • leviĝis la matenruĝo
    • la luno lumis inter la ĉielruĝo vespera kaj la ĉielruĝo matena

Reta Vortaro (ReVo), GPL 2.0 · reta-vortaro.de

Uitspraak

IPA
/ˈru.dʒo/
Lettergrepen
RU·ĝo

Woordopbouw

  1. ruĝstamruĝo
  2. ouitgangzelfstandig naamwoord

Vormen

enkelvoudmeervoud
onderwerpruĝoruĝoj
lijdend voorwerp (-n)ruĝonruĝojn

Voorbeeldzinnen

  • Ĉe matena ruĝo minacas vetera danĝero.Morgenrood, zeeman let op je boot. #8274611
  • Ruĝo ne plu estas laŭmoda.Rood is niet meer in de mode. #444712
  • Ruĝo kaj bluo - kiun vi ŝatas?Rood en blauw - welke verkies jij? #470121

Tatoeba, CC BY 2.0 FR

Verwante woorden

ruĝ-

In andere talen

Englishred
Françaisrouge (subst..)
DeutschRot
Polskiczerwień, kolor czerwony
Русскийкрасный цвет
Magyarpiros szín, vörös szín
日本語赤
Българскичервено
Catalàroig, vermell
עבריתאדום, אודם
Беларускаячырвань

Reta Vortaro (ReVo), GPL 2.0

Uitspraak, woordopbouw en vormen: Esperantopedia, CC BY-SA 4.0

Als Esperantopedia je heeft geholpen, kun je het steunen.