Esperantopedia

Woordenboek · zelfstandig naamwoord

ĝemo

ĝemo/ˈdʒe.mo/

Officiële stam ĝem- (Fundamento, 1905)

ĝemo is een Esperanto-woord (zelfstandig naamwoord) met de betekenis ‘zucht’.

Betekenis

zucht

Reta Vortaro (ReVo), GPL 2.0

Verwante betekenissen: kreun

Engelstalig WikiWoordenboek (vertaaltabellen), CC BY-SA 4.0 · en.wiktionary.org

Definitie in het Esperanto

  1. Neparola voĉsono esprimanta malfeliĉon, doloron
    • aŭdi la ĝemon de malliberulo
    • li forlasos min – ripetis Sara kun ĝemo

Reta Vortaro (ReVo), GPL 2.0 · reta-vortaro.de

Uitspraak

IPA
/ˈdʒe.mo/
Lettergrepen
ĜE·mo
Beluisteren
Wikimedia Commons

Woordopbouw

  1. ĝemstamĝemo
  2. ouitgangzelfstandig naamwoord

Vormen

enkelvoudmeervoud
onderwerpĝemoĝemoj
lijdend voorwerp (-n)ĝemonĝemojn

Verwante woorden

ĝem-

In andere talen

Englishgroan, moan
Españolgemido
Portuguêsgemido
Françaisgémissement, plainte
Italianogemito
Polskijęk, westchnięcie
Русскийстон, жалобный вздох
Українськастогін, охання, жалібне зітхання
Magyarnyögés
中文嗟叹
日本語うめき声
Catalàsanglot, lament, clam
Bahasa Indonesiaerang, erangan, desah, desahan
Беларускаястогн, енк, вохканьне

Reta Vortaro (ReVo), GPL 2.0

Uitspraak, woordopbouw en vormen: Esperantopedia, CC BY-SA 4.0

Als Esperantopedia je heeft geholpen, kun je het steunen.