Esperantopedia

Woordenboek · zelfstandig naamwoord

bojo

bojo/ˈbo.jo/

bojo is een Esperanto-woord (zelfstandig naamwoord) met de betekenis ‘geblaf’.

Betekenis

geblafwafwoef

Engelstalig WikiWoordenboek (vertaaltabellen), CC BY-SA 4.0 · en.wiktionary.org

Uitspraak

IPA
/ˈbo.jo/
Lettergrepen
BO·jo

Woordopbouw

  1. bojstambojo
  2. ouitgangzelfstandig naamwoord

Vormen

enkelvoudmeervoud
onderwerpbojobojoj
lijdend voorwerp (-n)bojonbojojn

Voorbeeldzinnen

  • Nia hundo havas pezan bojon, sed bonŝance tre kvietas.Onze hond heeft een zware blaf, maar gelukkig is hij erg rustig. #5123785bojon → bojo: geblaf

Tatoeba, CC BY 2.0 FR

Uitspraak, woordopbouw en vormen: Esperantopedia, CC BY-SA 4.0

Als Esperantopedia je heeft geholpen, kun je het steunen.