Esperantopedia

Saluton-cursus

Esperanto les 4: werkwoorden in de tegenwoordige tijd

Eén uitgang voor de tegenwoordige tijd, één voor de woordenboekvorm – en helemaal geen onregelmatige werkwoorden.

Bijgewerkt:

Les stap voor stap starten

Eén ding tegelijk: de dialoog regel voor regel, nieuwe woorden met geluid en plaatjes, één oefening per scherm.

35 woorden19 oefeningen~17 min

In deze les leer je hoe Esperanto-werkwoorden werken. De tegenwoordige tijd eindigt voor elke persoon op -as en de woordenboekvorm – de infinitief – op -i. Met vijf nuttige werkwoorden – ŝati „leuk vinden”, voli „willen”, povi „kunnen”, devi „moeten” en preferi „verkiezen, liever willen” – kun je praten over je werk, je studie en wat je graag doet.

Dialoog

Ana en Tomo sturen elkaar op een doordeweekse middag berichtjes.

EsperantoNederlands
Tomo: Ana, kion vi faras nun?Ana, wat doe je nu?
Ana: Mi studas. Mi estas en la biblioteko.Ik studeer. Ik zit in de bibliotheek.
Tomo: Kaj kio estas via fako?En wat is je studierichting?
Ana: Biologio. Mi volas esti biologo. Kaj vi? Ĉu vi laboras hodiaŭ?Biologie. Ik wil bioloog worden. En jij? Werk je vandaag?
Tomo: Jes, mi laboras hejme. Mi estas programisto.Ja, ik werk thuis. Ik ben programmeur.
Ana: Ĉu la laboro estas interesa?Is het werk interessant?
Tomo: Jes, ĝi estas interesa. Sed vespere mi preferas kuiri.Ja, het is interessant. Maar 's avonds kook ik liever.
Ana: Vi kuiras? Bonege! Mi ne povas kuiri.Kook jij? Geweldig! Ik kan niet koken.
Tomo: Kaj kion vi ŝatas fari libertempe?En wat doe je graag in je vrije tijd?
Ana: Mi ŝatas kanti. Mi kantas en koruso.Ik zing graag. Ik zing in een koor.
Tomo: Mi ne kantas bone, sed mi ŝatas aŭskulti.Ik zing niet goed, maar ik luister graag.
Ana: Do vi kuiras, kaj mi kantas. Perfekte!Dus jij kookt en ik zing. Perfect!
Tomo: Ha ha! Nun mi devas labori. Ĝis vespere!Ha ha! Nu moet ik werken. Tot vanavond!
Ana: Ĝis! Kaj mi devas studi.Doei! En ik moet studeren.

Twee kleine woorden komen hier al voor hun eigen les voorbij. Ĉu maakt van een zin een ja/nee-vraag (les 7). Kion is kio „wat” met de uitgang van het lijdend voorwerp, -n (les 5).

Nieuwe woorden

EsperantoNederlandsToelichting
faridoen, makenkion vi faras? „wat doe je?”
studistuderenstudento „student”
laboriwerkenlaboro „werk”
kuirikoken
kantizingenkanto „lied”
aŭskultiluisteren
ŝatileuk vinden, graag hebbenMi ŝatas kanti. „Ik zing graag.”
voliwillenMi volas esti biologo.
povikunnen
devimoeten
preferiverkiezen, liever willen
bibliotekobibliotheek
fakovak, vakgebied, studierichting
biologiobiologiebiologo „bioloog”
programistoprogrammeur-ist- = beroep (les 10)
korusokoorook ĥoro (les 1)
interesainteressant
perfekteperfect (bijwoord); perfect!
bonegegeweldig!, uitstekendbone + -eg- „heel” (les 10)
hejmethuisvan hejmo „thuis, woning”
vespere's avondsvan vespero „avond”
libertempein je vrije tijdvan libera tempo „vrije tijd”
hodiaŭvandaag
dodus, dan
ĉu(maakt een ja/nee-vraag)les 7

Werkwoorden

Koppel elk Esperantowoord aan zijn betekenis.

    • kuiri
      Antwoordkoken
    • kanti
      Antwoordzingen
    • labori
      Antwoordwerken
    • aŭskulti
      Antwoordluisteren
    • studi
      Antwoordstuderen
    • voli
      Antwoordwillen

    Betekenissen: koken · studeren · luisteren · zingen · willen · werken

Grammatica

De tegenwoordige tijd: -as voor iedereen

Elk werkwoord in de tegenwoordige tijd eindigt op -as, voor welke persoon ook. Er zijn geen onregelmatige werkwoorden – zelfs esti „zijn” niet. In het Nederlands verandert het werkwoord per persoon (ik werk, je werkt, wij werken); in het Esperanto niet. Het hele systeem staat op de pagina over werkwoorden.

EsperantoNederlands
mi laborasik werk
vi laborasje werkt, jullie werken, u werkt
li / ŝi laborashij / zij werkt
ni laboraswij werken
ili laboraszij werken

Mi laboras betekent zowel „ik werk” als „ik ben aan het werk”. Een aparte duurvorm, zoals „ik ben aan het koken”, is in het Esperanto niet nodig.

De infinitief: -i

De infinitief eindigt op -i: labori „werken”, kuiri „koken”, esti „zijn”. Woordenboeken geven werkwoorden in deze vorm. De tegenwoordige tijd maak je door -i te vervangen door -as: kanti → kantas. (De Nederlandse infinitief eindigt meestal op -en: werken, koken.)

Werkwoord + infinitief

Na ŝati, voli, povi, devi en preferi blijft het tweede werkwoord in de infinitief, net als in het Nederlands: „Ik wil leren.”

EsperantoNederlands
Mi ŝatas kanti.Ik zing graag. / Ik vind zingen leuk.
Mi volas esti biologo.Ik wil bioloog worden.
Mi ne povas kuiri.Ik kan niet koken.
Mi devas labori.Ik moet werken.
Vespere mi preferas kuiri.'s Avonds kook ik liever.

Om „niet” te zeggen zet je ne vóór het werkwoord dat je ontkent: Mi ne povas kuiri.

Let op de woordvolgorde. In het Nederlands draai je onderwerp en werkwoord om na een tijdsaanduiding („'s Avonds kook ik liever”, „Vandaag werk ik”). In het Esperanto hoeft dat niet: het onderwerp blijft voor het werkwoord staan, zoals in Vespere mi preferas kuiri en Hodiaŭ mi laboras.

-i of -as?

Kies de juiste uitgang.

  1. Ik zing graag.

    Mi ŝat kant.

    Uitgang voor ŝat-
    Uitgang voor kant-
    AntwoordMi ŝatas kanti.
  2. Ana wil bioloog worden.

    Ana vol est biologo.

    Uitgang voor vol-
    Uitgang voor est-
    AntwoordAna volas esti biologo.
  3. Ik kan niet koken.

    Mi ne pov kuir.

    Uitgang voor pov-
    Uitgang voor kuir-
    AntwoordMi ne povas kuiri.
  4. Wij moeten werken.

    Ni dev labor.

    Uitgang voor dev-
    Uitgang voor labor-
    AntwoordNi devas labori.
  5. 's Avonds kookt Tomo liever.

    Vespere Tomo prefer kuir.

    Uitgang voor prefer-
    Uitgang voor kuir-
    AntwoordVespere Tomo preferas kuiri.

Bijwoorden van tijd en plaats met -e

De uitgang -e maakt van een woord een bijwoord – een woord dat zegt hoe, wanneer of waar. Van vespero „avond” krijg je vespere „'s avonds”; van hejmo „thuis, woning” krijg je hejme „thuis”. De pagina over bijwoorden heeft er veel meer.

Zelfstandig naamwoordBijwoord
mateno – ochtendmatene – 's ochtends
vespero – avondvespere – 's avonds
hejmo – thuis, woninghejme – thuis
libera tempo – vrije tijdlibertempe – in je vrije tijd

Van zelfstandig naamwoord naar bijwoord

Typ het antwoord. In plaats van ĉ, ĝ, ŝ, ŭ kun je cx, gx, sx, ux typen.

  1. vespero „avond” → „'s avonds”

    Antwoordvespere
  2. mateno „ochtend” → „'s ochtends”

    Antwoordmatene
  3. hejmo „woning” → „thuis”

    Antwoordhejme
  4. tago „dag” → „overdag”

    Antwoordtage

Oefeningen

Oefeningen bij les 4

  1. Welke uitgang kenmerkt de tegenwoordige tijd?

    Antwoord-as
  2. Vertaal: „Ik werk.”

    AntwoordMi laboras
  3. Vul de juiste vorm van kanti in: Ŝi ___ en koruso.

    Antwoordkantas
  4. Vertaal: „Ik wil zingen.”

    AntwoordMi volas kanti
  5. Wat betekent Mi devas studi?

    Antwoord„Ik moet studeren.”
  6. Welk woord is de infinitief (de woordenboekvorm)?

    Antwoordkuiri
  7. Vertaal: „Wij koken graag.”

    AntwoordNi ŝatas kuiri
  8. Vul in: Ili ne ___ kanti. („Zij kunnen niet zingen.”)

    Antwoordpovas
  9. Vertaal: „Tomo werkt thuis.”

    AntwoordTomo laboras hejme / Tomo hejme laboras / laboras Tomo hejme / laboras hejme Tomo / hejme Tomo laboras / hejme laboras Tomo

Cultuurhoekje

Het Esperanto heeft een eigen muziekscène. Het platenlabel Vinilkosmo, in 1990 opgericht door Floréal Martorell bij Toulouse in Frankrijk, brengt rock, folk, pop, metal en hiphop in het Esperanto uit. Bekende namen zijn de Zweedse rockband Persone (opgericht in 1986), de Friese folkgroep Kajto uit Nederland en de Franse zanger JoMo. Meer bands, films en radio vind je op de pagina over muziek en film.

Veelgestelde vragen

Hoe zeg je „ik ben aan het werk” in het Esperanto?

Gewoon Mi laboras. De -as-vorm dekt zowel „ik werk” als „ik ben aan het werk”. De context maakt duidelijk welke je bedoelt.

Zijn er onregelmatige werkwoorden in het Esperanto?

Nee. Elk werkwoord heeft dezelfde uitgangen, ook esti „zijn”: estas, estis, estos. De verleden en de toekomende tijd leer je in les 6.

Wat is het verschil tussen ŝati en ami?

Ŝati betekent „leuk vinden, graag hebben”: Mi ŝatas kafon – „Ik hou van koffie” (ik vind koffie lekker). Ami betekent „liefhebben”: Mi amas vin – „Ik hou van je”. Het Nederlandse „houden van” dekt beide, dus pas op: voor dingen die je gewoon leuk vindt, gebruik je ŝati.

Bronnen

Als Esperantopedia je heeft geholpen, kun je het steunen.